Home / Blog / Behoud onverbloemde sprookjesversies

Behoud onverbloemde sprookjesversies

LATER LEZEN

We kennen sprookjes vooral uit de versies van Grimm en Disney-films. Dit zijn gekuiste versies van verhalen die generaties lang doorverteld werden, bij de haard in de winter en buiten op het erf in de zomer. De Vlaamse antropoloog Marita de Sterck publiceerde onlangs Vuil Vel, een boek met veertig sprookjes in ongecensureerde vorm. Dat betekent bloederiger en vunziger: ouders die hun eigen kinderen met de blote hand vermoorden en Roodkapje die naakt naast de wolf in bed gaat liggen.

Volksverhalenonderzoeker Theo Meder hield een voordracht bij de boekpresentatie. Hij stelt:

“Als het merendeel van het publiek uit volwassenen en pubers bestond, dan konden het kruidige verhalen zijn – verhalen voor volwassenen onder elkaar. Mochten er kinderen bij zitten, dan luisterden ze mee, en hoorden ze mee met de seksueel getinte verhalen over meiden en vrijers, lachten ze om de domme streken van de seizoensarbeiders, huiverden ze mee met de akelige verhalen over weerwolven en witte wieven, over demonen van het type Kludde en reuzen van het type Lange Wapper, verhalen over de organen etende stiefmoeder van Sneeuwwitje, of de vrouwenmoordenaar Blauwbaard. Waarna de kleinsten niet meer konden slapen van de opwinding, de spanning en de angst.”

Gender
De kuising van sprookjes heeft te maken met pedagogie. Journalist en antropoloog Cathérine Ongenae schreef voor Knack een artikel over de achtergronden van Vuil Vel. Ze laat sprookjesdeskundige Harlinda Lox aan het woord. Het censureren gebeurde vooral door onderwijzers en priesters toen de sprookjes werden opgeschreven, legt Lox uit. Zo waren dwergen uit Sneeuwwitje oorspronkelijk kannibalen.

Gender speelde daarbij een belangrijke rol. De gebroeders Grimm verzamelden 200 verhalen, maar we kennen er maar zo’n vijftien. De rest voldeed niet aan het toenmalige vrouwbeeld: de vrouwen waren daarin niet netjes of geduldig genoeg. Als er een feministisch tintje aan zat werden sprookjes herschreven: eigenzinnige vrouwen belandden dan op de brandstapel.

Vervreemding
Sprookjes zijn vooral geduid vanuit de psychoanalyse. Het zou gaan om taboe, schuld en schaamte. In het artikel van Ongenae komt ook klinisch psycholoog Myriam Maes aan het woord, bij wie sprookjes een rol spelen in haar therapieën:

“Rauwe sprookjes zijn een antigif tegen het moraliseren van volwassenen. Mensen duwen wreedheid weg uit angst, maar je moet ze toelaten als je ermee wilt leren omgaan. Door negatieve gevoelens te verbieden, loochenen we onze fantasieën en vervreemden we van onszelf. Rauwe sprookjes moraliseren niet, ze gaan voorbij goed en kwaad. Je betreedt een andere wereld waar andere dingen mogen. Sprookjes leren je vrij te denken, gaan in tegen taboes, overschrijden grenzen. Door ze te vertellen, doorbreek je sociale dammen zoals schuld, schaamte en walging. In die zin staan rauwe sprookjes lijnrecht tegenover onze manier van opvoeden, waarin kinderen braaf en gehoorzaam moeten zijn, en alles moeten overnemen zonder vragen te stellen.”

Erfgoed
Het zijn dus volwassenen die kinderen onschuldig willen houden. Hiermee bezweren zijn hun eigen angst, stelt Maes. Het het risico is dat de ongecensureerde vertellingen verloren gaan. Theo Meder besluit zijn voordracht daarom met een pleidooi voor behoud:

“[H]et is ook niet de bedoeling dat omwille van de tere kinderziel, de volwassen vertelling zou moeten verdwijnen. Ook dit is cultureel erfgoed en ik hoop van harte dat Marita doorgaat met het uitgeven van onverbloemde sprookjesversies. En ik mag zelfs hopen dat deze sprookjesversies weer op het repertoire komen te staan van volwassen vertellers.”

Luister ook dit item van Onder Mediadoctoren over sprookjes toen en nu. 

TAGS
DEEL DIT BERICHT