Home / Blog / Een ethisch kader voor werken met big data

Een ethisch kader voor werken met big data

LATER LEZEN

Big data is een buzzwoord. Voor bedrijven en overheden bieden extreem grote datasets nieuwe inzichten in het gedrag van consumenten en burgers. Veelal pakt dit voor die consumenten en burgers negatief uit, omdat ze privacy moeten inleveren. Toch biedt big data ook kansen voor gemeenschappen. Data kunnen gemeenschappen helpen om te gaan met milieu-, politieke, sociale en economische druk. Een groep experts heeft voor de Rockefeller Foundation uitgedacht hoe gemeenschappen weerbaar kunnen omgaan met big data. De inzichten zijn gepubliceerd in een white paper [PDF].

Na te hebben uitgelegd wat ze precies verstaan onder weerstand en big data, stellen de auteurs een kader voor waarin zes domeinen centraal staan (zie afbeelding).

Ethiek staat bovenaan, omdat dit het leidende domein moet zijn. Volgens de auteurs is er momenteel veel te weinig aandacht voor ethiek. Er is wel aandacht voor privacy, maar dat onderschat wat er allemaal kan met big data. De dataverzamelaars hebben de eindverantwoordelijkheid en zij moeten zorgen dat ze te vertrouwen zijn. Van het begin van een project moet er over ethiek nagedacht worden. Het moet in ieder geval gaan over geinformeerde toestemming, data-eigendom, toerekenbaarheid, transparantie, databescherming en datatoegang. De auteurs merken op dat de negatieve effecten van big data ongelijk verdeeld zijn. Bepaalde gemeenschappen en individuen zijn meer kwetsbaar dan anderen.

Bestuur(governance) gaat over een focus op projecten die gemeenschappen helpen. Lokaal en nationaal beleid zou gericht moeten zijn op het versterken van participatie in plaats van alleen maar technologie en infrastructuur benadrukken.

Wetenschap is belangrijk omdat wetenschappelijke methoden vaak vergeten worden bij de analyse van grote datasets. Het is belangrijk om die niet uit het oog te verliezen, dus om wel aandacht te besteden aan hypothesevorming en -toetsing, en aan het bouwen van verklarende modellen.

Technologie biedt de infrastructuur voor big data, maar technologie is ook kwetsbaar. De auteurs pleiten voor open source tools, dus technologie waar open toegang is tot de bronmaterialen.

Plaats verwijst zowel naar het gebruik van locatie-data als naar de plek waar gemeenschappen samenkomen (de agora, de wijk, de stad).

Context tot slot gaat over de sociaaleconomische achtergrond. Het gaat hier bijvoorbeeld om raciaal profileren bij de politie.

De onderzoekers besluiten met een belangrijk statement:

We are at a critical time in the emergence of big data science and its application to enhance the resilience of communities. We need to ask searching questions about how best to do this in a way that enhances the agency and capacity of communities without exposing them to new risks. By considering ethics as a primary guiding principle, and then the connections with governance, science, technology, place and the wider sociocultural context, we can produce groundbreaking data projects that can truly enhance the ability of communities to thrive (p.13).

Wat moeten we nu verwachten van zo’n document? De ontwikkelaars van de Bonuskaart zitten hier natuurlijk niet op te wachten. Toch geeft dit paper een leidraad voor bedrijven en overheden die het goed en verantwoordelijk willen doen.

DEEL DIT BERICHT