Home / Blog / Een zwangere man bij Oprah: alledaagse transfobie

Een zwangere man bij Oprah: alledaagse transfobie

LATER LEZEN

Thomas BeatieDe winst van Conchita Wurst op het Eurovisiesongfestival was een overwinning voor transgender mensen. De reacties lieten zien hoezeer transgender nog een taboe-identiteit is. Het regende flauwe grappen en kwetsende uitspraken van cis-mensen, ook buiten Oost-Europa en Rusland. De zichtbaarheid van transmensen in populaire cultuur is nog steeds klein en wellicht daardoor ook de kennis van en het begrip voor hen. In een recent artikel [abstract] onderzoekt de Australische sociaalwetenschapper Damien Riggs alledaagse transfobie in populaire cultuur.

Case en methode
Thomas Beatie is een vrouw-tot-man transgender persoon die bekend is geworden als ’s werelds eerste zwangere man. Uiteraard dook de sensatiepers daar bovenop, maar er was ook aandacht van ‘respectabele’ media. Dat is de plek die Riggs wil onderzoeken. Hij richt zich daarom op een casestudy, namelijk het interview dat Oprah Winfrey in 2008 had met Beatie.

Riggs past een discoursanalyse toe gericht op het ontdekken van zogeheten interpretatieve repertoires: clusters van betekenissen (enigszins vergelijkbaar met frames). Hij achterhaalt er twee: een focus op ziekte en bewijslast, en het repertoire van echte mannen, echte vaders.

Ziekte en bewijslast
Vanaf het begin van het interview legt Oprah Winfrey de nadruk op de oorzaken van wat zij beschouwt als een ziekte. Ze benadrukt steeds dat Beatie eerst vrouw was en zoekt naar een verklaring waarom hij zich niet op die manier identificeerde. Ze vindt die in het overlijden van zijn moeder. Terwijl Beatie wil spreken over zijn mannelijke identificaties, blijft Winfrey hem in zijn jonge jaren positioneren als vrouw.

Volgens Riggs zoekt Winfrey naar een herkenbaar [intelligible] gender voor Beatie. Voor haar blijft Beatie een voormalige vrouw die eerst zo mooi was dat ze aan missverkiezingen deelnam. De mogelijkheid van een baarmoeder bij een man gaat er bij Winfrey niet in.

Echte mannen, echte vaders
Riggs stelt dat Beatie in het interview niet alleen wordt neergezet als een wanna-be man, maar als een wanna-be man die daarin faalt: hij is immers zwanger en dat hoort bij vrouwelijkheid. Wanneer Beatie wil uitleggen dat hij in een gendervrije wereld wilde leven, corrigeert Winfrey hem:

BEATIE: And I realized that I wanted to be free again like I was when I was younger, when I didn’t see the world as male or female. I just wanted to be myself and so I –
WINFREY: But the world is male and female.
BEATIE: It is.
WINFREY: Okay. (p. 166)

Hier ontneemt Winfrey hem de mogelijkheid van iets tussen in  man en vrouw in. In dit repertoire is het opmerkelijk dat het falen bij Beatie als individu ligt en niet bij de gendernormen van onze maatschappij.

Winfrey vraagt tweemaal naar de aanwezigheid van een penis, voor haar hét criterium of iemand man is of niet. De bevestiging dat Beatie met zijn penis zijn vrouw kan penetreren is het punt waarop hij voor Winfrey meer is dan een vrouw die zich verkleedt. Toch trekt ze ook hier zijn mannelijkheid in twijfel omdat het zou gaan om een kleine penis.

Conclusie
Riggs stelt dat alledaagse transfobie niet simpelweg een mechanisme van discriminatie tegen transgender mensen is. Transfobie wil transgender mensen unintelligible maken: niet te bevatten. Hoewel Winfrey misschien de beste bedoelingen had en positief staat tegenover LGBTs, is het resultaat van het interview niet dat trans mensen meer zichtbaar worden en/of beter begrepen worden. In plaats daarvan leiden de gehanteerde vertogen tot verdere marginalisatie. Daarom is het extra belangrijk om te bestuderen hoe transfobie vorm krijgt in settings die op het eerste oog inclusief zijn naar transgender mensen.