Home / Blog / Wat is muziek en wat is een muzikant? Hoe auteursrecht en waarde niet hetzelfde zijn

Wat is muziek en wat is een muzikant? Hoe auteursrecht en waarde niet hetzelfde zijn

LATER LEZEN

Auteursrecht is de munteenheid van de muziekindustrie. Als je echt geld wilt verdienen, dan moet je muziek bezitten en de intellectuele eigendomsrechten uitbuiten. Dit is een financieel perspectief op waarde, dat niet per se door iedereen in de sector gedragen hoeft te worden. Geld verdienen met muziek is ontzettend moeilijk, maar dat weerhoudt muzikanten niet van spelen. John Street en Tom Phillips onderzochten [abstract] daarom hoe muzikanten die zich in de marge van de muziekindustrie bevinden de waarde van hun werk zien. Ze hielden een online survey onder 162 respondenten en twintig diepte-interviews met muzikanten uit verschillende genres.

“My attitude is like a start-up, you build up a community and then you monetize it….Give it away free, remove all the obstacles that would normally be there …I never actually gave music away free, I would swap it for an email address” (p. 423).

Wat is muziek?
In het auteursrecht is muziek een object dat je kunt bezitten. De nadruk ligt daarbij op wat geschreven is (tekst, noten) en minder op andere aspecten van wat je sound zou noemen. Muzikanten vinden het moeilijk aan te geven wat er nu precies waardevol is: voor de gitarist bestaat het liedje uit de melodie, maar voor de drummer uit het ritme. Wat waarde is, hangt dus af van de waarde-creator.

Veel muzikanten wezen het idee van muziek als object af, ze vonden het meer ‘lichamelijk’:

“It’s [my music] more important than property.…It’s more important than the guitars I have, or the house that I don’t have….It’s visceral, I guess” (p. 425).

Tegelijkertijd spraken ze over muziek als iets dat gestolen kan worden en dat geruild kan worden tegen geld op een markt, wat wel wijst op bezit. Er werd een onderscheid gemaakt tussen culturele en monetaire waarde. De respondenten willen vooral dat mensen van hun muziek kunnen genieten, maar vinden het ook fijn als ze betaald worden. Daarbij maakte het ook uit of muziek werd vastgelegd in een opname (eerder bezit) of dat het ging om live-muziek:

When you’re just playing live, it [copyright] was not something you thought about….And also, I think, as a kind of solo performer with little experience of the music industry, I didn’t understand necessarily what it was. … It was only as an adult, recording things, and having more contact with people from the industry, and maybe doing it yourself, it changes the whole thing…you have to be aware of these things .…The way that I value that [music] has changed . I still really don’t understand how it applies to myself.… I can’t imagine anyone [copying my music].…I think it’s just a cluelessness. Also because our music isn’t heard enough.…More a presumption is that these songs are your own because they’re your own. There’s no legality in that; they’re just yours. The more you grow up…and the more that you learn about life, you realize that’s not enough.…It’s only been an issue when it comes down to money…the more costs you incur as a musician, you start to think about” (p. 426).

Wat is een muzikant? 
Verwant aan de conceptuele vaagheid van ‘muziek’ is de vraag wat een muzikant eigenlijk is: een artiest, een ambachtsman of misschien een ondernemer? De motivatie om muziek te maken komt zelden voort uit economische overwegingen. De ondervraagde muzikanten spraken eerder over een bepaalde drang of zucht om zich uit te drukken. Dat gaat in tegen een aanname van het auteursrecht, namelijk dat copyrightbeleid zorgt voor muzikale innovatie: muziek wordt toch wel gemaakt.

Ook over het publiek wordt verschillend gedacht: aan de ene kant kan je dat zien als afnemers en daarmee als bron van inkomsten, aan de andere kant noemden de muzikanten het eerder een gemeenschap waar ze bevestiging uithaalden. Publieksfavorieten illustreren die spanning: gevraagd worden een specifiek nummer te spelen is een vorm van bevestiging, maar het betekent ook dat er minder enthousiasme kan zijn voor nieuw materiaal.

Professionele muzikanten zijn meer zelfbewust over copyright dan amateurs. Een serieuze muzikant weet hoe de muziekwereld in elkaar steekt. Hoe ‘serieuzer’, hoe meer business-minded:

“Music has always been a business. We’re all very aware of that. We’re artists and we love our art, but music is a business and everything has to be done right.…[For us] things have definitely become more business orientated with the prospect of a deal on the horizon” (p. 428).

Burgerschap
Auteursrecht gaat niet alleen over geld, het gaat ook over moraliteit – over het juiste. Die twee zijn echter onlosmakelijk met elkaar verbonden voor de muzikantem. Zo vonden ze het prima als er samples gebruikt werden als er geen geld mee verdiend werd. Credits geven is daarbij cruciaal: het is echt diefstal als dat niet gebeurd. Sampling en het spelen van covers zijn belangrijk voor creativiteit.

Extra problematisch zijn samenwerkingsverbanden in bands. Wie heeft de rechten? Wie verdient er aan welke arbeid? De overweging daarbij is dat het fair moet gebeuren – maar wat fair is, is ook weer een kwestie van interpretatie.

Implicaties
Geen van de ondervraagde muzikanten had gedetailleerde kennis van auteursrecht. Ze benaderden muziek en muzikant-zijn op een totaal andere manier dan dat advocaten of beleidsmakers dat doen. Muzikanten zien waarde in verschillende aspecten van muziek, en hun verhouding tot copyright wordt bepaald door hoe ze zich verhouden tot hun beroep, tot bandleden, tot hun publiek en tot de maatschappij.

De onderzoekers bespreken niet wat dit nu precies betekent voor de ‘andere kant’ van het auteursrecht: degenen die wetten maken en organisaties als Buma/Stemra die zorg dragen voor daadwerkelijke betaling. In de praktijk gaat veel geld naar platenmaatschappijen, niet naar muzikanten zelf. Hoe kunnen beleidsmakers ervoor zorgen dat muzikanten beter beschermd worden? Alle geschetste dilemma’s en nuanceringen laten zien hoe complex auteursrecht in de muziekindustrie is, een sector die bekend staat om zijn geschiedenis van uitbuiting. Het gebrek aan kennis van de wet is daarbij extra zorgwekkend.

DEEL DIT BERICHT