Home / Blog / We zijn socialer dan in 1979 (en vrouwen winnen)

We zijn socialer dan in 1979 (en vrouwen winnen)

LATER LEZEN

Beeld uit onderzoekIn onze digitaliserende wereld bestaat er een nostalgisch verlangen naar de tijd waarin niet iedereen vastzat aan zijn telefoon, een “pre-smartphone Eden”. Het is twijfelachtig te denken dat we vroeger meer verbonden waren, alleen omdat er nu mensen zijn die regelmatig op hun schermpje kijken. Toch is dit een populaire opvatting. Het is moeilijk dit te onderzoeken: met welke data van vroeger moet je gebruik van nu vergelijken? Vroeger hadden we immers geen mobiele telefoons. In The New York Times van afgelopen vrijdag staat een interessant stuk over twee studies van communicatiewetenschapper Keith Hampton. Zijn conclusie: technologie drijft ons niet uiteen.

Online bowl-afspraken maken
Hampton promoveerde in 2001 op een bijzondere studie. Midden jaren ’90 kon hij deelnemen aan een project dat voor dan een $100 miljoen gesponsord werd door Apple en IBM. In een nieuwe buitenwijk van Toronto kreeg de helft van de huizen supersnel internet (terwijl de rest van de wereld nog inbelde), een geavanceerde browser, een video-telefoon en een muziekdeelservice. Hampton woonde twee jaar in de wijk om deze te bestuderen, waarbij hij de ICT-huizen vergeleek met de huizne die deze toerusting niet hadden gekregen.

De wired folk, zoals Hampton ze noemt, waren veel meer sociaal verbonden dan de anderen. Zij herkenden hun buren drie keer vaker. Ze spraken hun buren vijf keer vaker via de telefoon en namen meer deel aan gemeenschapsevenementen. The New York Times schrijft:

Not only were people not opting out of bowling leagues — Robert Putnam’s famous metric for community engagement — for more screen time; they were also using their computers to opt in.

Voortdurende angst over sociale cohesie
Uit veel meer studies uit de jaren ’90 weten we dat het internet mensen niet eenzamer maakt, in tegendeel. Toch moet dit met iedere technologische ontwikkeling weer opnieuw aangetoond worden, en steeds geloven mensen het niet.

Nadat zulke zorgen over het internet ongegrond waren verklaard, kwamen sociale media op. Dit leidde tot een nieuwe golf van onderzoek (waar we nu nog middenin zitten) waarin gevraagd wordt of sociale media ons dan minder sociaal maken. De antwoorden zijn afwijzend. Gelukkig voor de pessimisten is er een nieuwe ontwikkeling waar zij zich zorgen over kunnen maken en stellen zij nu dat mobiel internet onze sociale cohesie bedreigt.

Slechts drie procent gebruikt telefoon
Een tweede studie van Hampton richt zich specifiek op dat mobiele gebruik. Hij vergeleek hoe mensen zich in 2008-2010 in de publieke ruimte gedragen met data uit 1975/1979. Zowel toen als nu werden dezelfde plekken, zoals het New Yorkse Bryant Park, gefilmd vanuit hetzelfde gezichtspunt. Het totale materiaal, meer dan 38 uur film, werd door een team van codeurs geanalyseerd op geslacht, groepsgrootte, “rondhangen” en telefoongebruik.

Het meest opvallende resultaat is dat het telefoongebruik veel lager was dan verwacht. Slechts drie procent van de mensen was aan/op de telefoon. Belangrijk daarbij was dat telefoongebruikers meestal alleen waren, niet in groepen. Het was dus niet zo dat een groepje bij elkaar zat en één ervan aso deed met zijn/haar telefoon. Telefoongebruikers waren mensen die op iemand wachtten of die alleen lunchten.

Vrouwen zijn vrijer
Er was nog een opmerkelijk inzicht. We zijn de publieke ruimte meer gaan gebruiken als een plek om samen te komen. Het aantal mensen dat alleen was daalde van 32 procent in 1979 tot 24 procent in 2010. Dit effect wordt enigszins tegengegaan door een andere, zeer belangrijke verschuiving. Het aantal vrouwen op straat is veel hoger. Een deel van hen is alleen op straat. Op sommige plekken ging het om een toename in het aandeel vrouwen van wel 33 procent. In The New York Times:

Across the board, Hampton found that the story of public spaces in the last 30 years has not been aloneness, or digital distraction, but gender equity. “I mean, who would’ve thought that, in America, 30 years ago, women were not in public the same way they are now?” Hampton said. “We don’t think about that.

Beeld: still uit onderzoeksvideo van Hampton, overgenomen uit The New York Times

DEEL DIT BERICHT