Home / Blog / Zwarte homo’s op tv als spektakel voor heterokijkers

Zwarte homo’s op tv als spektakel voor heterokijkers

LATER LEZEN

Omar in MoeshaHet televisielandschap is steeds meer gefragmenteerd. Er is veel keuze in zenders en daardoor wordt er – meer dan vroeger – televisie gemaakt voor specifieke doelgroepen. Er zijn bijvoorbeeld Amerikaanse series met alleen maar zwarte cast, bedoeld om zwarte kijkers aan te spreken. Dit wordt ook wel ‘urban programming’ genoemd. Hierdoor is er meer diversiteit te zien op televisie. Dat betekent ook dat er meer diversiteit onder de zwarte karakter is. Zo zijn er ook zwarte homoseksuele mannen te zien. In een recent artikel [abstract] onderzoekt mediawetenschapper Alfred Martin Jr. de creatie van zulke personages.

Martin onderzocht de sitcoms Moesha, All of U en Are We There Yet?, uitgezonden in de periode 1996-2012. Hij richtte zich daarbij op de schrijvers van de series. Het encoding/decoding model is een belangrijke theorie in de media- en communicatiewetenschap. Het model veronderstelt dat makers ergens betekenis in stoppen en dat kijkers (lezers, gebruikers) ergens betekenis uit halen. Die twee hoeven niet noodzakelijkerwijs overeen te komen. Er is veel onderzoek naar decoding, maar we weten weinig over hoe betekenis ergens ingestopt wordt. Interviews met makers zijn daarvoor noodzakelijk.

Prijskoeien
Dit onderzoek laat zien dat de schrijvers veel ruimte hadden in de creatie van hun personages. Ze wilden daarbij vooral niet steunen op dominante tropes (stijlfiguren), omdat ze die stereotiep vinden. Het gaat dan vooral om vrouwelijkheid.

We just wanted all three characters (two on All of Us and one on Are We There Yet?) just to be regular guys. They just have other [sexual] interests. We just didn’t want it to be the typical, for lack of a better term, flamboyant, the stereotypical way to go.

In hun poging dat te voorkomen, maakten ze vooral personages die Martin homonormatief noemt: het zijn geprivilegieerde mannen binnen de homogemeenschap (elders heb ik dit de prijskoeien uit de gemeenschap genoemd). Ze doen dezelfde dingen als heteromannen. Mannelijkheid wordt in deze series aangegeven door een nadruk op sport.

Detection, discovery, discarding
Daarnaast speelt heteronormativiteit een rol in de coming out. Daarmee wordt niet bedoeld dat de personages in het verhaal een coming-out hebben, maar dat hun seksuele voorkeur aan de kijker bekend gemaakt wordt. Dat lijkt tegenstrijdig: dat gaat toch juist over homoseksualiteit? Volgens Martin is het een dienst aan de heteroseksuele kijker die wil weten waar hij aan toe is: is een personage nou homo of niet? Het patroon hier is detection, discovery, discarding. De eerste twee maken een goed verhaal. Discarding [wegleggen] betekent echter dat er daarna nooit meer aandacht wordt besteed aan de seksualiteit van de homopersonages. Sterker nog, vaak komen de personages daarna niet meer terug.

Zulke ‘coming outs’ zijn media-events: een homoseksuele zoen geeft een bijzonder moment in de serie. Gayness as a spectacle. Dat karakters daarna vaak niet meer terugkomen heeft volgens de geïnterviewde schrijvers te maken met de vertelstructuur van sitcoms: dat moeten op zichzelf staande afleveringen zijn.

Last
De schrijvers dragen verantwoordelijkheid en die voelt in zekere zin als een last. Martin eindigt met een positieve noot:

The episodes of Moesha, All of Us, and Are We There Yet? that feature black gay characters are certainly not perfect, but they struggle
to make black gayness visible in black-cast sitcoms—even if only for twenty-two minutes (p.14).

DEEL DIT BERICHT