Home / Blog / De factcheckers gefactcheckt: het kan altijd beter

De factcheckers gefactcheckt: het kan altijd beter

LATER LEZEN

Hoewel in Nederland op z’n retour, is factchecking wereldwijd booming. Een vraag die daarbij regelmatig opkomt is: wie checkt de factcheckers? Nou, daarvoor hebben we bijvoorbeeld wetenschappers. In een recent artikel [open access] nemen de Finse politicologen Sakari Nieminen en Valtteri Sankari factchecker PolitiFact onder de loep.

Ze stelden een lijst op met 24 criteria voor een goede factcheck, gebaseerd op de principes van de industrie zelf, namelijk die van het International Fact-Checking Network. De lijst bevat ook voorbeelden van uitspraken die niet te checken zijn, zoals claims over de toekomst, meningen en esthetische claims. Vervolgens trokken ze een willekeurige steekproef van 858 factchecks op PolitiFact uit de periode 2007-2019. Deze werden gecodeerd op basis van de 24 criteria, met steeds de ja/nee-vraag of de factcheck aan het criterium voldeed.

Nieminen en Sankari concluderen dat PolitiFact het over het algemeen “quite well” doet. De site bekijkt claims in de context, beschuldigt sprekers niet van liegen en is consistent in haar oordelen (truth ratings). Bovendien is er geen voorkeur voor een specifieke politieke kant, misbruiken ze factchecks niet om bepaalde beleidsposities voor te staan, baseren ze zich op bewijs en zijn ze helder over dit bewijs en de gebruikte methodologie.

Er zijn ook wel wat problemen. PolitiFacts checkt soms complexe beweringen: meerdere uitspraken onder één oordeel. Het is beter om die op te splitsen. Daarnaast worden er uitspraken gecheckt die niet te checken zijn: elf procent van de steekproef vallen buiten het bereik van wat een factchecker kan factchecken. Het ging dan bijvoorbeeld om uitspraken over persoonlijke ervaring, vage claims en meningen. Dat is niet per se erg: uitspraken over de toekomst kan je bijvoorbeeld evalueren met schattingen en projecties, en dat is journalistiek relevant. Het zou een goed idee zijn hier een speciale categorie voor te maken, buiten het factcheck-kader van waar of onwaar.

Lastig aan dit onderzoek, zo schrijven de auteurs, is dat de criteria niet ingaan op de kwaliteit van het geleverde bewijs. Daarbij spelen ook de methode en het format van de factcheck een rol. Bovendien moet er rekening gehouden worden met de tijdsdruk waar journalisten mee te maken hebben.

De ontwikkelingen in Nederland stemmen in ieder geval somber. Factchecken kost namelijk veel tijd en is moeilijk. Bovendien levert het vaak gezeik op, zoals blijkt uit dit NRC-artikel over factchecking. Het is begrijpelijk dat nieuwssites er dan maar vanaf zien, maar ook kwalijk in een tijd waarin we juist zoveel te maken krijgen met desinformatie, misleiding en andere vormen van post-truth.

CC beeld: CREST Research

TAGS
DEEL DIT BERICHT